Vrijstelling overdrachtsbelasting startende woningkopers tot 35 jaar

Het kabinet heeft 15 september 2020 het pakket Belastingplan 2021 gepresenteerd. Een onderdeel van dit pakket betreft het voorstel Wet differentiatie overdrachtsbelasting (35576) waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen: – (jonge) starters; – doorstromers; en – overige verkrijgers.

Voor starters op de woningmarkt wordt voorgesteld om met ingang van 1 januari 2021 een vrijstelling van overdrachtsbelasting te introduceren. Hierbij is vereist dat de verkrijger: – een meerderjarig natuurlijk persoon is jonger dan 35 jaar; – deze vrijstelling niet eerder heeft toegepast; en – de woning (anders dan tijdelijk) als hoofdverblijf gaat gebruiken.

Voor andere natuurlijke personen die een woning verkrijgen (doorstromers) blijft het tarief van 2% gelden, mits zij de woning (anders dan tijdelijk) als hoofverblijf gaan gebruiken.

Voor alle overige verkrijgers van onroerende zaken gaat het WBR-tarief per 1 januari 2021 omhoog van 6% naar 8%. Dit betekent dat naast de verkrijging van niet-woningen ook de verkrijging van woningen die niet of slechts tijdelijk als hoofdverblijf gaan worden gebruikt door de verkrijger, zal worden belast tegen 8% zoals een vakantiewoning, een woning die zal worden gebruikt door anderen en een woning die wordt verkregen door een rechtspersoon.

Ten behoeve van de uitvoeringspraktijk zal een starter bij een beroep op de vrijstelling voorafgaand aan de verkrijging schriftelijk moeten verklaren de startersvrijstelling niet eerder te hebben toegepast. De notaris kan in beginsel uitgaan van de verklaring tenzij de notaris weet dat deze onjuist is. Omdat de startersvrijstelling pas geldt per 1 januari 2021 kan deze straks ook gelden voor (jonge) personen die voordien al woningeigenaar zijn geweest.

Voor toepassing van het 2%-tarief en de startersvrijstelling moet de verkrijger (tevens) een schriftelijke verklaring afleggen dat de woning (anders dan tijdelijk) als hoofdverblijf zal worden gebruikt. Bij ministeriƫle regeling zullen nadere regels worden gesteld over de inhoud en de wijze van aanlevering van de verklaring. Als de notaris de belastingaangifte verzorgt, moet de verkrijger de verklaring aan de notaris overleggen. De inspecteur zal achteraf controleren of de verkrijger de woning daadwerkelijk als hoofdverblijf is gaan gebruiken. Een half jaar gebruik als hoofdverblijf is in beginsel voldoende voor de faciliteit, tenzij blijkt van misbruik. Als door onvoorziene omstandigheden zoals overlijden, echtscheiding of een andere baan de woning niet als hoofdverblijf wordt gebruikt, zal er niet worden nageheven.

Aanhorigheden zijn objecten die bij een woning behoren, zoals een schuur, garage, enz. De vrijstelling of het verlaagde tarief (2%) voor de overdrachtsbelasting kan vanaf 1 januari 2021 enkel nog worden toegepast als deze aanhorigheden gelijktijdig met de woning worden verkregen. Uiteraard moet de vrijstelling of het verlaagde tarief dan ook op de woning van toepassing zijn. Later verkregen aanhorigheden vallen altijd onder het algemene tarief van 8%.

Indien een woning door meerdere personen wordt verkregen moet de startersvrijstelling en/of het 2%-tarief voor iedere verkrijger afzonderlijk worden beoordeeld. Als een starter van 32 jaar met een persoon van 37 jaar ieder voor de onverdeelde helft een woning verkrijgt met de bedoeling daar samen te wonen, geldt voor 50% de vrijstelling en voor 50% het 2%-tarief.

Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van dit bericht aanvaarden wij enige aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid, noch voor de gevolgen daarvan.